Blog

Happy Bday

Ik zit in de auto onderweg naar huis. De radio staat aan, mijn trommelvliezen deinzen mee op de techno beats van slam.fm, het is donker buiten. Ik rijd door mijn eigen stad, Deventer, ik weet de weg, ik voel me stoer. Het is een zaterdag avond, tien over half elf. Ik ben onderweg naar huis om mijn vriend een kus te geven, die ongetwijfeld op de bank ligt met een biertje in zijn hand, terwijl hij naar American Horror Story of iets dergelijks kijkt, waarna ik mijn bed in zal klimmen (letterlijk- we hebben een verhoogd bed met een trappetje, fantastisch).

Samen met mijn twee vriendinnen ben ik uit eten geweest. Ik ben inmiddels op de zesde dag van mijn dertig dagen durende vegan challenge, wat inhoud dat ik geen dierlijke producten ´mag´ eten. Oftewel, geen zuivel, geen vlees, geen kaas, geen ei. Ik snap dat kaas ook zuivel is, maar veel mensen om mij heen lijken dat niet te begrijpen, vandaar dat kaas hier een eigen categorie vormt. Uit eten gaan tijdens een vegan challenge is, eh… Absoluut K-u-t, zó kut, dat de eerste letter van kut gepromoveerd is tot een hoofdletter.

Naar een Indiaas restaurant gingen we. Ik houd van Indiaas eten, maar deze toko viel tegen. Het duurde een goede veertig minuten tot het eten werd gebracht en toen bleek mijn gerecht een maximale ´mwoh.´

Irritaties all over the place, voor mij dan, mijn vriendinnen genoten intens van het eten. Er is niks irritanter dan als enige geïrriteerd zijn, dat kan ik je wel vertellen. Aan het einde van het diner kwam er een groene envelop uit de handtas van mijn vriendin Janneke, zij zat tegenover me. Onmiskenbaar stond op de envelop het cijfer drieëndertig geschreven met streepjes eromheen alsof het een zonnetje was die licht verspreidde, wat me weer terugbracht bij de reden dat we hier in toko-nooit-meer-van-mijn-leven een maaltijd deelden. Ik ben jarig geweest.

Godsgruwelijk nog aan toe, wie het concept ´verjaardag´ heeft bedacht mag van mij een goede griep oplopen. Ik vind het al verschrikkelijk om naar een verjaardagsfeest van een ander te gaan (behalve die van kinderen, die zijn zo enthousiast dat ze bijna ontploffen, dat vind ik enig) laat staan dat ik mijn eigen verjaardag moet vieren.

Daar dacht ik eerder anders over. Toen hield ik nog van organiseren, mensen om me heen, felicitaties, gebak en cadeaus. Nu ben ik vooral dankbaar als ´de datum´ voorbij is.

Toen mijn vriend Andrew stierf, een dag na zijn negentwintigste verjaardag, nu bijna vier jaar geleden, stierf ik ook. Niet een beetje, maar helemaal. Ik wilde niets liever dan met hem mee gaan, bij hem zijn. Maar ik heb kinderen en zij hebben mij nodig, zij zijn mijn liefde, net zo veel als Andrew dat was. Dus er was geen keuze, ik moest opstaan en weer doorgaan.

Negen maanden na zijn dood was het zover: ik zou dertig worden, een leeftijd die hij nooit had bereikt. Ik organiseerde een groot feest om ´het leven te vieren, want wij hadden tenminste dat geluk!´ Ik had een feesttent gehuurd, een boombox en een springkussen. Er was eten en drinken genoeg voor een provincie in Nepal en ik had iedereen uit mijn omgeving uitgenodigd.

Op de dag zelf ging ik door de grond. Ik voelde me intens verdrietig. Ik wilde niemand zien, ik wilde me verstoppen onder de dekens en huilend in slaap vallen. Maar dat kon niet, de kinderen wilden op het springkussen springen, ze wilden dansen en eten, ze wilden feest. Dus ik beet op mijn wang en deed mijn best.

Het jaar daarop wist ik één ding zeker: ik zou mijn verjaardag niet gaan vieren. Dat deed ik ook niet. Alleen mijn moeder kwam een gebakje eten, want ja, het was ook haar verjaardag (vond ze zelf) want zij had mij immers éénendertig jaar geleden gebaard. Dat was okay, dat kon ik aan.

Op mijn tweeëndertigste verjaardag werd ik wakker naast Ian, mijn lief. Hij maakte me wakker met tweeëndertig cadeaus. Een aantal leuke en een aantal doelloze, waarvan ik de grappigste een keukenrolhouder vond, iets wat ik NOOIT van mijn leven zou aanschaffen (keukenpapier is wc papier in een ander formaat), maar die hij onmisbaar vindt in de keuken. De dag verliep verder zoals iedere andere dag. Dat was okay, dat kon ik aan.

Dit jaar echter, wilden we onze verjaardagen samen vieren. Niet omdat ik mijn verjaardag wilde vieren, maar omdat hij de zijne wilde vieren. We waren net verhuisd, we moesten ook nog een housewarming geven. Om dat alles te combineren met één druk feest leek de meest praktische oplossing. We planden een datum en verstuurden de uitnodigingen. Een goede maand voor het geplande feest bleek onze buurman ernstig ziek. Om hem drukte te besparen besloten we het feest te annuleren. Ian vond het erg jammer, ik voelde een enorme opluchting.

Om me toch een verjaardagsgevoel te geven, besloten mijn vriendinnen om me mee uit eten te nemen. Lief bedoeld. De groene envelop met de grote drieëndertig staarde me aan. Ik opende de envelop en de kaart en las: ´Happy Bday.´

Mijn lieve vriendinnen die me begrijpen en me de ruimte geven om de dingen te doen zoals ik ze wil, bedankt. Een verjaardag aanklooien in een shit- restaurant die ik shit vind omdat ik van mezelf verlang dat ik alleen maar plantjes mag eten, die véél te veel tijd neemt voor het voorbereiden van een maaltijd, die het interieur niet veranderd heeft sinds de grote opening in 1981, die ik gewoon stom vind omdat ik hem gewoon stom vind en ik wil sowieso mijn verjaardag niet vieren, kunnen we het niet gewoon over andere dingen hebben, over hoe het met jullie gaat en de kermis en hoe zwaar we wel niet zijn geworden na al die jaren en..

Mijn lieve vriendinnen die niets vragen maar wel de rekening betalen en me nog even kussen voordat ik in het donker naar huis rijd met de luide techno beats die mijn gedachtes vermurwen, om me nog een hartjes emoticon te sturen als we allemaal weer veilig thuis zijn.

Dat was okay, dat kon ik aan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *